Steden: Brussel, Antwerpen, Gent, Luik, Leuven
België heeft geen eenvormig nationaal onderwijssysteem. Onderwijs wordt georganiseerd door de Vlaamse, Franse en Duitstalige Gemeenschap. Elke Gemeenschap bepaalt haar leerplannen, kalender en inschrijvingsprocedures. Brussel is officieel tweetalig, maar elke lokale school behoort tot één systeem of werkt binnen een afzonderlijk internationaal kader.
Dat bepaalt de zoektocht. Een Nederlandstalige school in Brussel volgt de Vlaamse regels. Een Franstalige school volgt de Fédération Wallonie-Bruxelles. Europese en onafhankelijke internationale scholen hebben hun eigen toelating en kosten.
Deze gids bespreekt geselecteerde scholen in Brussel, Antwerpen, Gent, Leuven, Luik en Mol. Het is geen volledig overzicht van alle Belgische scholen. Begin met de officiële lokale zoekinstrumenten en gebruik de voorbeelden om de verschillen te begrijpen.
„Privé” kan twee heel verschillende dingen betekenen
Belgische gezinnen kiezen vaak tussen onderwijsnetten, niet tussen openbaar en privé in Britse of Amerikaanse zin. Scholen van een Gemeenschap, provincie of gemeente bestaan naast gesubsidieerde vrije scholen. Dat vrij onderwijs heet in het Frans enseignement libre en heeft vaak een katholieke oorsprong.
Toegang tot verplicht onderwijs dat door de Gemeenschappen wordt georganiseerd of gesubsidieerd is kosteloos. Scholen mogen geen inschrijvingsgeld vragen. Er kunnen wel gereglementeerde kosten zijn voor materiaal, maaltijden, activiteiten en uitstappen. De federale uitleg over schoolkosten geeft de basisregel en verwijst naar de maxima van elke Gemeenschap.
Vraag naar het pedagogisch project, de religieuze of levensbeschouwelijke identiteit, de onderwijstaal, de kosten en beschikbare plaatsen. Een gesubsidieerde katholieke school is niet automatisch selectief of betalend, maar haar visie blijft relevant. Officieel onderwijs is geen restkeuze. Het kan juist de meest geschikte taal, opleiding en schoolroute bieden.
Onafhankelijke internationale scholen zijn een andere categorie. Ze vragen doorgaans schoolgeld en bieden bijvoorbeeld het International Baccalaureate, Britse, Amerikaanse of Franse programma’s. Kosten, wachtlijsten en toelatingstoetsen verschillen per school. „Inschrijvingen het hele jaar mogelijk” betekent dat u mag aanvragen, niet dat er plaats is.
Leerplicht en lokale termen
De leerplicht begint op 1 september van het kalenderjaar waarin een kind vijf wordt en loopt tot achttien jaar. Het precieze einde hangt af van leeftijd en onderwijsstatus. De Belgische overheidsinformatie verwijst voor details naar de drie Gemeenschappen.
Kinderen beginnen vaak rond tweeënhalf jaar in het kleuteronderwijs, of enseignement maternel. Vijfjarigen zijn al leerplichtig. Voor de gewone instap in het Nederlandstalige lager onderwijs op zes jaar zijn normaal minstens 290 halve dagen aanwezigheid in een Nederlandstalige kleuterschool nodig, met de vermelde alternatieven. Controleer de huidige Vlaamse aanwezigheidsregel wanneer een internationale verhuis het jaar onderbreekt.
Rond twaalf jaar begint het secundair. De routes en kwalificaties verschillen:
- In de Franse Gemeenschap certificeert het CEB het lager onderwijs. Het CESS is het getuigschrift van het hoger secundair onderwijs. De gemeenschappelijke basisvorming bereikte het eerste secundair in augustus 2026, met nieuwe leerdoelen en persoonlijke begeleiding. Voor latere jaren wordt de regeling nog ontwikkeld. Raadpleeg daarom de officiële hervormingspagina voor het jaar van uw kind.
- Het Vlaamse secundair bestaat uit drie graden. Vanaf de tweede graad zijn er drie finaliteiten: doorstroom naar het hoger onderwijs, toegang tot de arbeidsmarkt of een dubbele finaliteit. Aso, tso, kso en bso blijven benamingen voor algemene, technische, kunst- en beroepsgerichte onderwijsvormen. Ze vertellen op zichzelf niet welke kwalificatie volgt. De Vlaamse kwalificatiegids verduidelijkt de routes en OK3/OK4.
- De Duitstalige Gemeenschap heeft eigen scholen en regels. Gebruik Ostbelgien Bildung voor toelating en leerplicht, in plaats van Brusselse regels toe te passen.
Noem technisch of beroepsgericht onderwijs niet minderwaardig. Vraag wat een studierichting voorbereidt, welke onderwijskwalificatie ze oplevert en hoe een latere overstap werkt.
De werkelijke onderwijstaal begrijpen
Een programma kan vooral Nederlands, Frans, Duits of Engels gebruiken. „Immersie” of „tweetalig” zegt nog niet welke vakken in welke taal worden gegeven. Vraag het lessenrooster per jaar en het verwachte taalniveau bij instap.
Vraag ook hoe beginners de hoofdtaal leren. Taallessen betekenen niet automatisch dat een leerling wiskunde, wetenschappen en geschiedenis al in die taal kan volgen. Bij een langer verblijf opent de lokale taal meer sociale en schoolse mogelijkheden. Bij een korte plaatsing kan continuïteit in het bestaande curriculum belangrijker zijn.
De British School of Brussels omschrijft bijvoorbeeld een specifiek tweetalig programma. In het lager worden wiskunde en Engels gegeven door een Engelstalige leerkracht; andere vakken zijn in het Frans. In Years 7–9 is de tijd ongeveer gelijk verdeeld, met elk vak in één taal. Dit geldt niet voor de hele school. Controleer klasplaatsen en instapeisen op de actuele tweetalige pagina.
Europese Scholen in Brussel: eerst de toelatingsgrond
Europese Scholen zijn geen gewone betalende internationale scholen. Het einddiploma is het Europees Baccalaureaat, niet het IB Diploma. Brussel I ligt in Ukkel en Berkendael. Brussel II heeft kleuter en lager in Evere, secundair in Woluwe. Brussel III ligt in Elsene, Brussel IV in Laken. De Europese School Mol valt buiten de Brusselse toewijzing.
Brusselse aanvragen lopen via de Centrale Inschrijvingsautoriteit. De voorkeursschool is niet gegarandeerd. Taal 1 is normaal de moedertaal of dominante taal van het kind; ouders kiezen niet zomaar de handigste sectie. Zonder passende taalsectie kan een leerling als SWALS, Student Without A Language Section, onderwijs in de moedertaal krijgen.
De categorieën hebben concrete gevolgen:
- Categorie I omvat vooral kinderen van personeel van EU-instellingen. Zij worden volgens de regels kosteloos toegelaten, maar niet noodzakelijk op hun eerste Brusselse voorkeur.
- Categorie II geldt bij een specifieke overeenkomst en volgens de voorwaarden daarvan.
- Kinderen van in aanmerking komend internationaal burgerpersoneel van de NAVO en internationale VN-ambtenaren hadden onder artikel 7.3 in 2026–27 een afzonderlijke voorrang. Toelating was niet automatisch en vereiste plaats, maar hun dossiers kwamen vóór gewone categorie III.
- Categorie III omvat andere aanvragers. Artikel 7.4 eiste in Brussel voor 2026–27 een broer of zus die heel 2025–26 op school zat en in 2026–27 bleef. De aanvraag moest dezelfde school of vestiging betreffen, met plaats in de nodige sectie en klas. Een klas met al 24 leerlingen mocht geen extra categorie-III-leerling opnemen. Behandeling gebeurde in fase twee of drie.
Voor sommige ontheemde Oekraïense kinderen die bij personeel van de EU of Europese Scholen verblijven, gelden afzonderlijke bepalingen. Betrokken gezinnen moeten artikelen 6.32–6.36 lezen en niet uitgaan van de gewone categorie-III-regel.
Deze voorwaarden horen bij 2026–27. Gebruik de data of sibling-eis niet voor 2027–28 zonder de nieuwe regeling te lezen. De officiële portaal-FAQ en het beleid 2026–27 gaan voor op informeel advies.
Ook de taalsecties verschillen. Europese School Brussel III was in 2026–27 de aangewezen bestemming voor alle Tsjechische aanvragen en voor Grieks in het secundair. Onze Elsene-gids legt die toewijzing uit. Brussel IV meldt dat leerlingen uit de Italiaanse en Nederlandse secties naar Brussel V verhuizen wanneer die opent. Bevestig de planning voordat u daarom een woning kiest; zie ook de Laken-gids.
In Brussel II zitten kleuter en lager in 2026–27 in Evere, terwijl het secundair in Woluwe blijft. De school organiseert op de overbevolkte Woluwe-vestiging geen individuele bezoeken of opendeurdagen voor kandidaat-ouders. De actuele inschrijvingspagina legt locaties, leeftijden en taalbeslissingen uit. Onze Woluwe-gids bundelt de praktische vragen.
Mol heeft Nederlandse, Franse en Engelse secties. Categorieën I–III zijn er mogelijk volgens eigen prioriteit en capaciteit. Categorie I is vrijgesteld; categorie-III-kosten zijn gepubliceerd. Het is een dagschool, hoewel externe weekinternaten en gastgezinnen worden genoemd. Controleer toezicht, vervoer en aparte contracten. Meer in de Mol-gids.
Betalende scholen in Brussel en Antwerpen
De International School of Brussels in Watermaal-Bosvoorde biedt Engelstalig internationaal onderwijs. Vergelijk met BSB in Tervuren als Britse kwalificaties, het IB Diploma of de beschreven tweetalige stroom relevant zijn. Gemeente en route verschillen; test beide vanuit de mogelijke woning.
Het Lycée français Jean-Monnet is de AEFE-school in Ukkel, van maternelle tot Terminale. AEFE is het Franse overheidsagentschap voor Frans onderwijs in het buitenland. De school volgt het Franse curriculum en leidt naar het baccalauréat. De Franse pagina publiceerde kosten voor 2026–27, terwijl een Engelse pagina een ouder overzicht behield. Begroot met de actuele Franse bron en bevestig extra kosten.
In Antwerpen biedt Antwerp International School geautoriseerde IB-programma’s en een kostentabel voor 2026–27. Het Lycée Français International d’Anvers biedt Franse programma’s in een AEFE/Odyssey-kader. De toelatingspagina noemt € 990 voor een eerste inschrijving, maar het financieel reglement gebruikt een andere schaal. Vraag wat geldt. De verlaagde deadlines van 31 maart en 31 juli 2026 zijn voorbij.
Onze gidsen voor Brussel en Antwerpen vergelijken de scholen verder.
Gent en Leuven: internationaal lager of Vlaams onderwijs
De International School of Ghent geeft Engelstalig onderwijs vanaf tweeënhalf jaar. Het lager gebruikt het International Primary Curriculum. Het secundair was kandidaat voor het IB Middle Years Programme toen het profiel werd gecontroleerd; kandidatuur is geen IB-autorisatie. De openbare pagina’s noemden geen IB Diploma Programme. Verifieer de huidige status en hoogste klas.
De Kleine Icarus is een Nederlandstalige GO!-Daltonbasisschool in Gent. GO! is het officiële onderwijsnet van de Vlaamse Gemeenschap. Dalton is een pedagogische aanpak, geen eindkwalificatie. De online kostenbrochure droeg nog 2025–26, met maximumfacturen van € 55 voor kleuter en € 110 voor lager. Vraag de bedragen voor 2026–27. Zie de Gent-gids.
De International School of Leuven is een Engelstalige dagschool van tweeënhalf tot Grade 6. Ze gebruikt het International Primary Curriculum, niet het IB Primary Years Programme, en publiceert geen secundair aanbod. Een volle dag kostte jaarlijks € 15.200, met 25% terugbetaling alleen bij vertrek uiterlijk 31 december 2026. Vraag waar het kind na het lager kan doorgaan.
De Klare Bron is een Nederlandstalige GO!-leefschool van kleuter tot het zesde leerjaar. Projecten en deelname aan de schoolgemeenschap staan centraal. Het reglement 2026–27 noemt maximumfacturen van € 55 voor kleuter en € 110 voor lager. Een afzonderlijk plafond van € 560 betreft bepaalde meerdaagse activiteiten over de hele lagere school, niet per jaar. Onze Leuven-gids legt kalender en contrast uit.
Luik: lokale immersieopties
De gemeentelijke basisschool van het Lycée Léonie de Waha biedt Engelse immersie vanaf het derde kleuterjaar. Het Athénée communal Léonie de Waha in hetzelfde gebouw combineert Freinet-secundair met Engels, Nederlands of Duits. Een gedeeld adres betekent geen automatische doorstroom; vraag beide afdelingen naar toelating.
Het Collège Saint-Louis Liège is vrij gesubsidieerd secundair met twaalf uur Engelse immersie van eerste tot zesde. De initiële aanvraagperiode voor het eerste secundair 2026–27 sloot op 6 maart 2026. Dat was de datum voor die cyclus, geen vaste jaarlijkse deadline.
Late aanvragen hervatten op 20 april 2026, chronologisch en na tijdig ingediende dossiers. Plaatsen en prioriteiten waren toen beperkter. Bekijk de officiële Franstalige procedure en vraag naar huidige ruimte. De Luik-gids bundelt deze opties.
Aanvraag en budget voorbereiden
Er bestaat geen Belgische inschrijvingsdatum voor alle systemen. Lokale platforms bepalen de Vlaamse basisschoolvensters in onder meer Gent en Leuven. Voor Franstalig eerste secundair geldt de jaarlijkse FUI-procedure. Europese en onafhankelijke scholen hebben aparte kalenders.
Ons advies: vergelijk minstens één passende lokale school met elke internationale optie. Kies internationaal als taal en curriculumcontinuïteit de prijs rechtvaardigen. Kies lokaal als uw kind in de onderwijstaal kan leren en het gezin zich duurzaam met de woonplaats wil verbinden. Beslis in beide gevallen op basis van programma, kwalificatie en dagelijkse route, niet alleen het schooltype.
Vriendelijke oriëntatie, geen formeel toelatingsadvies. Check data altijd bij de school.